Kan ik mijzelf scheppen? Naar een ethiek van de vrijheid: inzet, ontwikkeling en actualiteit van Michel Foucaults werk. Een nawoord als inleiding

L. ten Kate, H. A. M. Manschot, ten L. Kate (Editor)

Research output: Chapter in Book/Report/Conference proceedingChapterAcademic

20 Downloads (Pure)

Abstract

Hoe een denker in te leiden die zelf zijn werk als een lange inleiding zag, een voorwerk bij een oeuvre dat altijd nog geschreven moest worden? Men zou kunnen denken dat de vroege dood van Michel Foucault, in 1984, hem verhinderd heeft een oeuvre tot stand te brengen en te voltooien, en een definitief standpunt in te nemen ten aanzien van de filosofische kwesties die hij ter sprake bracht. Maar het is waarschijnlijker dat Foucaults liefde voor het inleidende, voorbereidende spreken nauw verbonden is met zijn opvatting over filosofie. In zijn werk wordt een wig gedreven tussen waarheid en wijsbegeerte. Hij breekt met de zelfopvatting van een lange traditie van westers denken, waarin de filosofie zichzelf beschouwt als hoedster van de waarheid, een waarheid die zij zou moeten verwoorden in een laatste, alomvattend spreken. Veeleer is het de taak van de filosofie te onderzoeken hoe het eigenlijk komt dat de westerse cultuur – en de mens als ‘subject’ dat deze cultuur heeft voortgebracht – het zoeken naar de waarheid zo centraal heeft gesteld in haar praktijken. Niet de waarheid zelf, maar het verlangen naar waarheid moet de filosoof onderzoeken en kritisch ondervragen.
Original languageAmerican English
Title of host publicationBreekbare vrijheid. Teksten & interviews
PublisherBoom
Number of pages46
ISBN (Electronic)90 8506 016 8
ISBN (Print)90 8506 016 8
Publication statusPublished - 1 Jan 2004

Cite this